zaterdag 9 juni 2018

Vestigingsklimaat


De wolf vestigt zich in Drenthe. Na een verkennend vooronderzoek waarbij ook Groningen en Friesland werden aangedaan koos hij voor Drenthe. Groningen was te kaal vermoedelijk want wolven houden van bossen. De Friese Wouden had natuurlijk ook gekund want dat is maar een paar stappen verder. Maar Friesland is dan toch weer iets te veel gevraagd voor een wolf. Inburgering en zo. Ik snap dat wel. De Oostvaardersplassen was ook even een optie. Ruim voldoende prooi. Maar Staatsbosbeheer had daar hekken omheen gezet. En een wolf is geen parkdier. Grote grazers zijn ook geen parkdieren. Dan fokken ze maar raak en dan heb je er binnen de kortste keren veel te veel. Zonder roofdieren is er van natuurlijke selectie geen sprake want de zwakkere dieren worden niet opgegeten en die fokken dus gewoon lekker mee. De hongerdood is iets anders dan natuurlijke selectie maar maak dat SBB maar eens wijs. Nee, natuurontwikkeling volgens SBB daar heeft een wolf niks mee. Alles in aanmerking genomen had Drenthe toch het beste vestigingsklimaat voor de wolf.

Ik heb op YouTube de Bergrede van Klaas Dijkhoff bekeken. Duurde maar een klein half uur dus dat was wel uit te houden. VVD alpha mannetjes in een zaal en de roedelleider stond orakelend op de rots. Het was overigens best om aan te horen. Ik had gehoopt op wat meer brisante uitspraken maar het bleef een tamme bedoening. Hij behandelde globaal wat gemeenplaatsen en trok daaruit wat algemeen gangbare conclusies waar iedereen het wel mee eens is. Net een soort verjaardagsfeest waar de wereldproblemen in een oogwenk onder een goed glas worden opgelost. Dijkhoff was voordat hij zich tot de VVD bekeerde gewoon een Brabander. In het Brabant van zijn jeugd hadden ze het de godganse dag over goed volk. Daar had hij het steeds maar over. Goed volk, daar wil de VVD wel voor gaan. Het verhaal van Klaas krijgt een wat andere klank als je het in de context van de realiteit van alle dag bekijkt. Welke definitie gebruikt de VVD voor goed volk? Voldoen Jos van Rey, Mark Verheijen, Henry Keizer en Robin Linschoten ook aan die definitie? En Halbe Zijlstra? Het blijkt dat de 1,6 miljard die men per jaar weggeeft aan mensen die toch al genoeg hebben een typisch gevalletje is van ‘wij van wc-eend adviseren wc-eend’. Ook goed volk? Lilian Marijnissen van de SP komt ook uit Brabant. Heeft die hetzelfde beeld van goed volk als Klaas Dijkhoff? Ik denk het niet.

Voor onze Drentse wolvenfamilie zijn er zelfs al belangengroepen opgericht en er is een heuse wolven-website. De plaatselijke sjamanen en kruidenvrouwtjes dansen bij volle maan in Pocahontas-kleren rond de hunebedden, meehuilend met de wolven in het bos. En de boeren? Ach, die paar schapen. En ze krijgen er toch geld voor? En anders zetten ze er maar een hek omheen. Pardon? Een hek er omheen? Gaan we nu het typisch Hollandse weide- en heidelandschap veranderen in een kooienlandschap? Met percelen met 2 meter hoge afrasteringen van dik gaas? Overigens hoeft het niet zo te gaan want er was al een wolvengeleerde die wist dat vader wolf, die het vestigingsklimaat kwam onderzoeken, zich nu en dan uit pure noodzaak aan een schaap vergreep maar als zijn familie eenmaal was gearriveerd zich wenste te beperken tot louter roodwild en af en toe een konijn. Is die man een wolvenfluisteraar met voorspellende gaven? Of is hem dit tijdens een nachtelijke danssessie rond zo’n hunebed ingefluisterd door de voorvaderen van de sjamaan? Hou toch op man, wat een gezeik. De wolf is terug en dat gaan we merken. Nu zijn het dan nog schapen maar dat wordt snel anders als het roedel op volle sterkte is. Wij werden vroeger op school al gewaarschuwd voor hondsdolle vossen. Die konden naar verluidt agressief worden van die ziekte en als je dan per ongeluk te dicht in de buurt kwam dan konden ze bijten. Elk jaar staat er wel een verhaal in de krant over een roofvogel die een wandelaar aanvalt. Herten en zwijnen banjeren op klaarlichte dag door de aangeharkte perkjes van de bewoners van de Veluwe omdat ze te beroerd zijn om hun vreten in het bos te zoeken. Zo zal de dag ook komen waarop er een incident is met een wolf. Het begint met een opengereten drachtige Schotse Hooglander en uiteindelijk komt er vroeg of laat een spelend kind op het verkeerde moment op de verkeerde plek. Had de moeder het kind dan ook maar in zo’n schapenkooi moeten stoppen. Eigen schuld.

Ik vraag me af of mensen met bevingsschade aan hun huis ook tot Dijkhoffs goede volk behoren. Daar is men nog niet over uit. De vrienden die de 1,6 miljard opstrijken zijn dezelfde die de bevingsschade zouden moeten betalen. Dat Wiebes dat lastig vindt snap ik wel. Wie sowieso niet tot goed volk behoren zijn mensen die zijn aangewezen op de bijstand. Iedereen moet worden ingezet in het arbeidsproces. Alles ter meerdere eer en glorie van de club van 1,6 miljard. Dat die zich weinig laat gelegen aan het in dienst nemen van mensen met een arbeidsbeperking, of met een andere culturele achtergrond, of bijstandsmoeders die geen kinderoppas en geen vervoer hebben laat Dijkhoff onbelicht. Het is mij wel duidelijk wie er achter de schermen aan de touwtjes van de coalitiemarionetten trekken. Overigens is dat niet nieuw. Toen het CDA van Balkenende nog de baas was stond de BMW van B.E.M. Wientjes vaker voor het torentje geparkeerd dan de pausmobiel van Balkenende zelf.

Bestuurders, colleges, ambtenaren en wat dies meer zij slijpen intussen behalve hun potloden ook hun messen. Er komt een hoop werk aan. Iemand zal verantwoordelijk moeten worden gehouden voor de schade die wolven ongetwijfeld gaan aanrichten. Dat betekend rapporten schrijven, replieken op die rapporten schrijven, onderzoeken laten doen en die vervolgens uitpluizen. Stuurgroepen en Overlegorganen Wolvenschade. Bureauladen worden nu reeds ontruimt om plaats te maken voor onwelgevallige wolvenschaderapporten. Straks wordt er in de Beetse nabij Sellingen een Schotse Hooglander opgevreten door een groep wolven die zo snel in Drenthe eventjes geen hert konden vinden. SBB, de eigenaar van de Hooglanders, gaat natuurlijk op hoge poten verhaal halen op het gemeentehuis van Westerwolde. Maar die wuiven het weg: de wolven hebben zich gevestigd in Drenthe. In Assen moet je zijn. Nee zegt het Drentse provinciebestuur, wolven die hun vestigingsplaats verlaten vallen niet meer onder onze verantwoordelijkheid. Kortom, groot feest. En dan gaat het nog maar om een koe. U kunt zich voorstellen hoe het gaat als later oma die aan het wandelen is in het bos met haar kleindochter met een rood manteltje aan opgevreten worden. Met huid en haar. Dan komt van hogerhand een jagersman aangerend om ons van die verscheurende horde plaagdieren te verlossen. Diezelfde jagersman die nu door sjamanen en kruidenvrouwtjes wordt verguist als faunavermoordend tuig is dan plotseling goed volk. VVD-waardig.

zaterdag 2 juni 2018

Delfzijl

In de maritieme metropool aan de Eemsmond is het een drukte van belang. Talloze bulldozers, graafmachines en vrachtwagens krioelen als mieren over een eindeloze gele zandvlakte waar eens een groene dijk met rustig grazende schapen moet hebben gelegen. Als je naast zo’n vrachtwagen staat denk je dat met 10 tot 15 ladingen van dat bakbeest de dijk wel ongeveer klaar is. Maar sta je even later op twaalf hoog naar beneden te kijken dan vind je dat molshoopje zand niet meer terug. Na 10 vrachtwagens vraag je je af of er eigenlijk wel iets gebeurt is. De dijk van Delfzijl naar de Eemshaven was te laag en niet aardbevingsbestendig.




In de woning op de eerste verdieping woont mevrouw al zes jaar gescheiden van haar man. Ex-man moet ik zeggen. Die woont op de derde. Het seniorencomplex, vier bouwlagen met op de begane grond een supermarkt, staat op de plek waar vroeger Delfzijl noord was; een wijk met duizenden woningen. Nu is er een miniwinkelcentrumpje in een wijk die er niet meer is. Ze zijn 45 jaar getrouwd geweest maar in de herfst van hun leven wilde ze het einde niet met haar ex afwachten. “Wie weet hoeveel jaar ik nog heb”, had ze zich afgevraagd, “en wil ik dan nog langer met die ellende zitten?”. Wat die ellende dan is geweest blijft onbelicht. Vreemd aan het verhaal is dat de ex nog elke dag bij haar komt eten. “Er is geen ruzie of zo….”, voegt ze er nog aan toe.

De Delfzijlsters moeten haast wel op het randje van de dood hebben geleefd, zo’n karwei maken ze van die nieuwe dijk. Een zuchtje natte wind uit het noordoosten en heel het Groninger land zou terstond tot aan de knieën in het zilte sop staan. Een aardschokje erbij en we hadden de landkaart van Groningen kunnen weggooien. Of bewaren in een museum. Kijk, verteld opa dan over 100 jaar aan zijn ongelovige kleinkinderen, vroeger was er boven Zwolle ook nog land. Dat is trouwens iets waar veel Haagse bestuurders zich ook nu nauwelijks iets bij kunnen voorstellen. Daar hadden ze dan toch nog bijna gelijk in gekregen. Dus moet de dijk omhoog. Voor de bebouwing in het voormalige Delfzijl is het haast de moeite niet meer. De burgers die ik spreek vragen zich in alle oprechtheid af de sloop van de woningvoorraad komt door de krimp van de populatie of andersom. Ik sprak laatst een man die onlangs voor de vierde keer een aanzegging kreeg dat zijn woning zal worden gesloopt. Eerst moest hij zijn huis uit in voormalig Noord, toen moest hij uit zijn huis want het blok waar hij toen woonde moest er toch achteraf ook maar af, toen moest hij uit de Vennenflat die onlangs is gesloopt en nu staat het flatje achter de keermuur aan de haven ook op de nominatie om over pakweg twee jaar te verdwijnen. Lekker dan. De volledige historie van de man is straks verdwenen. Nooit zal hij zijn kleinkinderen kunnen laten zien waar opa en oma jaren en jaren hebben gewoond, geleefd en gewerkt. Een paar oude foto’s van een stad die er niet meer is. De rest is herinnering.

Als ik aanbel bij de eerste woning op de galerij op de tweede verdieping en aan de dame in de deuropening vertel wat ik kom doen loopt er een heer achter me langs. De man maakt een deftige indruk en uit zijn taalgebruik maak ik op dat we hier te doen hebben met een vooraanstaand heer in ruste. Zonder zijn beurt af te wachten vraagt hij wanneer ik bij hem kom: “Ik woon op de derde…”. Voor ik kan reageren vult hij het zelf al in: “In de brief staat maandag…”. Er volgt nog een monoloog over aard en tijdsduur van de werkzaamheden zonder dat mijn inbreng er ook maar iets toe doet. “Dat zal dan wel kloppen”, meen ik en vlucht met mevrouw de gang in. Kordaat gooit ze de deur achter ons dicht, pal voor de neus van de deftige meneer. Ik vraag aan mijn reddende engel of het soms de directeur van de flat is. Dat had ik goed gezien. In elk seniorencomplex is er altijd wel een bewoner die zich opwerpt tot Meest Belangrijke Heer van het complex. Vorige maand was er net bewonersoverleg geweest. Onze belangrijke heer was anderhalf uur alleen aan het woord geweest. Niemand heeft begrepen waar het over ging. Niemand had iets voor de rondvraag. Ze waren moe en wilden naar bed.

Van een ‘authentiek oud havenstadje’ is geen sprake. Oud Delfzijl bestaat niet. Volgens sommige geschiedenisboekjes moet er heel vroeger ook al een Delfzijl zijn geweest. Er is niets in het landschap wat daar aan herinnert. Zelfs de haven is nieuw. De omliggende dorpen, Heveskes, Oterdum en Weiwerd zijn in de zestiger jaren gesloopt om plaats te maken voor industrie die nooit kwam. Delfzijl is toen omgebouwd tot een moderne stad wat het overigens ook nooit geworden is. Megalomane denkbeelden bepalen sinds jaar en dag het aanzien van Delfzijl. De bewoners is nooit iets gevraagd. Een briefje in de deur dat je kon oprotten voor de vooruitgang. Dat was alles. Een dag later reed er een bulldozer over je huis. Dan stond je met je gepoetste meubeltjes en je kinderen in een woestijn van zand en puin wat vroeger de woonwijk was met in de verte de bulldozer die een seconde geleden jouw bestaan heeft uitgewist.

De man op de derde verdieping doet allerhartelijkst open. De inrichting is enigszins voornaam, licht klassiek en toch redelijk smaakvol. Aan de muur echte schilderijen afgewisseld met trendy afbeeldingen op canvas uit de woonwinkel. Een niet eens zo heel lelijke combi van kunst en kitsch. Het duurde even voor ik in de gaten kreeg met wie ik van doen had. Het was de belangrijke heer. Het is typisch zo’n man die uren kan uitweiden over niet ter zake doende details, die af en toe een vraag stelt maar het antwoord nooit afwacht en meteen weer doorgaat met over zichzelf vertellen. Zo werd ik gewaar dat hij de ex is van de mevrouw op de eerste verdieping, die hij steevast ‘mijn vriendin’ noemt. Toen hij besefte dat ik bekend moest zijn met de situatie zei hij: “Ja, we zijn 45 jaar getrouwd geweest maar toen wilde ze weg”. Waarom wist hij niet en het van hem trouwens ook niet gehoeven want hij gaat er immers nog elke dag eten. Inmiddels was het mij wel duidelijk. Een dag zonder die man moet voor haar een geschenk uit de hemel zijn. Al is het dan ook in Delfzijl.

zondag 4 maart 2018

De muur van Terry Bidet


Het zou goed zijn als de heren Wilders en Baudet de volgende verkiezingen zouden winnen. Dan gaan ze samen coalitie maken.

Wilders is de man voor het gewone volk van waaruit je de knokploegen en moraalpolitie kan rekruteren. Baudet is de man voor de gegoede burgerij die de toekomstige ambtelijke vazallen moet leveren. Een geweldig combo lijkt me. Democratie is het toverwoord want als je het volk macht en inspraak beloofd krijg je ze wel mee. Een referendum is daarvoor een prachtig instrument. De zorgvuldig geïndoctrineerde achterban zorgt er wel voor dat de uitslagen jouw kant op draaien. En met de juiste propaganda en demoniseren van de vrije pers (linkse klaplopers en politiek correcte opvreters) zorgen Telegraaf, GeenStijl, ThePostonline en DDS voor het gewenste sentiment.


Ondertussen zijn ze zelf verre van democratisch. Logisch. Een open en democratische ledenpartij zorgt voor nuances en relativering en dan wordt het vanzelf een echte politieke partij. En dat moeten die heren niet hebben. Het zijn feodale types die geen tegenspraak dulden en zich omringen met jaknikkers. Op partijcongressen worden ze bejubelt en toegeschreeuwd door hun gehersenspoelde volgelingen en op die momenten voelen ze de adrenalinekick die ze een gevoel van superioriteit, macht en onoverwinnelijkheid geeft.

Verbazingwekkend hoe het eeuwenoude principe van stemming kweken en de macht grijpen nu ook weer lukt. We worden via Facebook en Twitter gedrogeerd en we trappen er met open ogen in. Want we zijn immers een democratie en zo’n vaart zal het niet lopen? En toch zou het goed zijn als het eens zou gebeuren: Baudet en Wilders aan de macht. Baudet minister-president en Wilders wordt dan minister van binnenlandse zaken. De vraag was tot voor kort waar we met Yernaz Ramautarsing heen zouden moeten. Dat is de man die zo graag zijn Grote Leider een plezier wilde doen dat hij zwarten dommer vindt dan blanken. Typisch gevalletje Stockholmsyndroom. Maar intussen heeft hij dat probleem zelf al opgelost. Jammer, want het zou wel gezellig staan tussen al die witte gezichten op de Muur van Mussert, die dan straks dienst doet als decor voor het optreden van de regering Baudet voor de wereldpers.

Met Grote Leider Baudet en Hoeder des Vaderlands Wilders aan de macht leren we weer dezelfde lessen als in de dertiger en veertiger jaren van de vorige eeuw. En we kunnen wel weer een lesje samenleven gebruiken lijkt me. Nederland zal dan wel binnen de kortste keren tot over haar oren in de schulden zitten want beloftes kosten veel geld. Maar ach, we moeten allemaal offers brengen nietwaar? Het volk wordt via voorgekookte referenda rijp gemaakt voor vergaande inperking van onze vrijheid. En dan, als het bijna te laat is, dan wordt het Nederlandsche Volk wakker en breekt de pleuris uit. “Rutte was nog beter dan dit zootje!” en “Nederland moet weer een democratie worden!”, roepen we dan om het hardst en we wijzen een handje vol voormalige PVV-ers en FvD-ers aan die ‘fout’ zijn geweest en die gaan dan voor een paar maanden in de bak om te boeten voor zonden van velen. Daarna zoeken we weer bang, geslagen en uitgemolken steun en onderdak in Brussel. Als die ons dan nog wil hebben tenminste. En we zeggen tegen elkaar dat zoiets nooit meer mag gebeuren en dat we een sterk Europa nodig hebben om dit soort ellende nooit meer mee te maken. Dat gaat dan weer een paar jaar goed. Tot de volgende demagoog opstaat met ‘frisse’ ideeën.

zaterdag 10 februari 2018

Pastoor Pjongtsjang

Op de vrijdag voor de Grote Optocht is het een drukte van belang. Echtgenote is bij een loopgroep en zoals die dingen dan gaan moet er op de laatste dag voor de optocht nog van alles gebeuren. En uitgerekend dan plannen ze de opening van de Olympische Winterspelen 2018. Uitgebreid op televisie natuurlijk en tussen het geredder en gestress door volgt zij met belangstelling de intocht der sporters. Ik heb natuurlijk ook een fragment gezien. Het was net een carnavalsoptocht. Bont verklede mensen die met vlaggen en vaandels zwaaien en net doen of de wereld mooi is en alles pais en vree. En verder zeg ik daar helemaal niets meer over.

Ik ben namelijk eens, heel lang geleden, bij een jobcoach (mag ik hem zo noemen?) geweest die me gedurende een aantal sessies in de Drentse bossen in mijn eigen ziel liet kijken. Voorwaar geen prettige aanblik, zo’n eigen ziel. En die jobcoach maakte me duidelijk dat relativerend vermogen weliswaar een deugd kan zijn maar als je daar in doorslaat je terecht komt in je eigen valkuil. En die valkuil is dat als je alles weg relativeert er nog maar heel weinig overblijft wat je echt raakt. Apathie ligt op de loer. Ik heb een brede belangstelling en zeker ook nog wel passies. Alleen weet ik niet zeker of ik over vijf jaar nog wel dezelfde passies heb. Dat is het verschil. Sommigen hebben een grote passie en dat blijft zo voor de rest van hun leven en daar bijten ze zich volledig in vast. Ik heb vele passies, vorige, huidige en toekomstige. Wat mijn toekomstige passies zijn weet ik natuurlijk nog niet, maar ik weet dat ze zullen komen. Dat is dan wel weer het leuke van relativeren, er komt altijd wel weer wat nieuws op mijn pad waar ik me dan tijdelijk druk om kan maken.

Genoeg van dat alles. Vanmorgen, op moment van schrijven is het 10 februari 2018, raakte ik zowaar toch ook weer begeesterd van Carnaval. Carnaval is een latent virus dat diep kan wegzakken maar toch telkens weer, toevalligerwijs zo rond Carnaval, de kop weer opsteekt. Zo ontdekte ik in de krant een stuk over onze zustervereniging De Bultruters. Ik viel zowat van mijn stoel! Ze lieten hun praalwagen zegenen door een pastoor. Fijn om te lezen dat ook de Bultruters zich tegenwoordig bedienen van een carnavalsstunt. Hebben de Kloosterwiekers bij tijd en wijle de ganse gemeenschap tuk met hun fratsen, de Stunt-van-de-Eeuw-Prijs gaat dit jaar toch echt naar de Bultruters.

Toch knaagt er iets. Het ziet er namelijk verdomd serieus uit, dat artikel over die pastoor. Het zal toch gaddakke niet waar zijn? Maar het is wel waar. Tijdens de optocht, ik ga natuurlijk wel altijd kijken, kwam ik in gesprek met een dame uit Bultrutersland en die bezwoer me dat er echt een pastoor is geweest die de kar echt heeft gezegend. Toevallig hoorde ik afgelopen weekend uit tweede hand dat ook de Kloosterwiekers van plan zouden zijn voor volgend jaar een nieuwe prinsenwagen te bouwen. Of het waar is weet ik niet maar de schrik sloeg me om het hart.

Geachte Kloosterwiekers: ik heb jullie allemaal even lief. Ik koester jullie allemaal aan mijn grote warme hart. Maar heb niet het lef om jullie eventuele nieuwe kar volgend jaar door een religieus vertroebelde geest te laten zegenen. Carnaval is een verbroederend feest voor alle Ter Apelers en tevens voor alle bezoekers van heinde en verre. Schifting der zielen op basis van levensbeschouwelijke voorkeuren zijn derhalve uit den boze. Twist, schoolstrijd, verzuiling en kerkscheuring zullen jullie deel zijn. Maar misschien valt het allemaal ook wel weer mee.

vrijdag 15 december 2017

Ik heb een AT.....

Wie wel eens naar een Amerikaanse film of serie kijkt waar FBI, CIA, en spionnen in voorkomen ziet ze wel. Mannen en vrouwen die met een hand aan hun oor hun omgeving compleet negeren en aandachtig naar het grote niets staren. Ze stappen in het rond als een puber op cowboylaarzen en zwaaien met hun schouders heen en weer als Zeeuws Meisje met tegenwind. Daarbij trekken ze een gezicht alsof ze wel degelijk een gewone burger zijn. In hun oor hebben ze dan een dingetje waardoor ze kunnen horen wat de commanding officer te melden heeft. En ze kunnen er ook door terug praten. Een zogenaamd ‘oortje’. Bejaarden hebben ook veelvuldig oortjes. Daar praat men ook wel eens in maar dat hoort verder helemaal niemand. Mijn vader zat de laatste jaren ook veel met zijn hand aan zijn oortje, starend in het grote niets. Maar daar was verder niets spannends aan.






Ik ging voor mijn bier altijd al naar de Lidl. Volle tray halve liters Veltins. De laatste tijd ging ik wel eens naar de Getraenkehalle in Haren Dtsl. De smaakbeleving van zo’n dikke fles naast mijn geërfde Warsteinerglazen uit moeders glazenkast is beter als bij zo’n papierdun blikkie. Maar nu had ik dus last van gemakzucht en toog ik maar weer eens naar de Lidl. Het was smoordruk en dus waren er wel 2 kassa’s open. Elk met een rij tot aan de vleeswaren. Bij de Lidl hebben ze ook oortjes. En een Alcohol en Tabak procedure.  Als er iemand met alcohol of tabak bij de kassa komt moeten de medewerkers dat in hun ‘oortje’ roepen: “Ik heb een AT!” De lieftallige dame die me voor mijn bier liet betalen zei het op een verzuchtende toon,  alsof ze voor de zoveelste keer een lege fietsband had en het stadium van chagrijn al lang voorbij was en was overgegaan op berusting : “Mijn band is weer eens leeeeg…….. Ik heb een ATeeee….”.

Een oudere man achter de andere kassa, de baas waarschijnlijk, zei het op een toon alsof hij een terrorist zag aankomen terwijl hij juist de koning aan het beschermen was. “Bedreiging op rechts! Bewapend! Red alert! ........ Ik heb een AT!” Dat klinkt toch heel anders. Hij wist dat wij allemaal naar hem keken. Wij konden immers toch geen kant op. Natuurlijk moest hij terwijl hij op de kassa aan het rammelen was tevens in zijn oortje praten. Hij kon er zelfs de telefoon mee opnemen. Of de telefoon daadwerkelijk over ging weet ik niet maar hij keuvelde er luidkeels op los. Tussendoor kon hij ook mooi bevelen naar ondergeschikten roepen op de groenteafdeling. “Hoofdkantoor belt! Levering komt later! Onmiddellijk nu eerst de bloemkolen! Appels in de volgende zending!” Man, man, man wat is dat stoer zo’n oortje.

Ik vroeg aan de juffrouw wat een AT was. Ik verstond alleen ‘alcohol en tabak’ en ‘vier ogen’. De rest ging verloren in de brij aan informatie die stantepede verzonk in mijn sponzig geheugen. Als ik later dement ben en niet meer weet dat ik nog leef dan zal ik waarschijnlijk, als de kleinkinderen op bezoek zijn voor het laatste afscheid, met mijn hand aan mijn oortje starend in het grote niets plotseling uitroepen wat een AT precies is. Volgens mij ging het er om dat er iemand met de kassajuffrouw mee moest kijken of de klant wel 18 is. In mijn geval bestond daar geen twijfel over, stelde ik met zekere weemoed vast.

dinsdag 14 november 2017

Maarten Luther


Op 31 oktober 2017 was het 500 jaar geleden dat Luther zijn 95 stellingen aan de kerkdeur te Wittenberg spijkerde. Die schreef hij in het latijn. Dat zal de gewone man in Wittenberg fijn gevonden hebben want die las geen latijn. Het is vermoedelijk ook helemaal niet waar (Wikipedia). Los van deze geschiedkundige beeldspraak is deze aanklacht tegen de moederkerk het begin van wat wij later de reformatie zijn gaan noemen. Luther heeft ongetwijfeld alle reden gehad om zich tegen Rome te keren en daarin stond hij vast niet alleen. Wel vroeg ik me af waarom hij dat nou juist op Halloween deed. Verkleed als killerclown sloop de monnik Maarten Luther in pikkedonker door de straten van Wittenberg met een uitgeholde pompoen op een stok met een kaars er in. In een onbewaakt ogenblik prikte hij stiekem zijn geschrift tegen de kerkdeur. Als de pastoor, of de koster, hem zou betrappen zou er zeker wat voor hem zwaaien! Brrrrr!  Zoiets stel ik me dan voor want ik heb een levendige fantasie.




Maar later las ik dat Halloween komt van All Hallows Eve en dat is in gewoon Nederlands de vooravond van Allerheiligen, de avond van 31 oktober. Dat is ook de avond van een heidens (Keltisch) feest. “Bij de Kelten begon na de oogst, op 1 november, het nieuwe jaar. En ze geloofden dat bij het begin van het nieuwe jaar de geesten van de overledenen een poging deden om een lichaam te kapen van een levende, om daarmee het nieuwe jaar in te gaan. Op dat moment konden de wereld van de doden en de wereld van de levenden elkaar ontmoeten. ” (bron: www.gerritveldman.nl)

Een dag na Allerheiligen is het Allerzielen. Op die dagen is er druk verkeer op weg naar en terug uit het vagevuur. Heiligen hoefden niet naar het vagevuur. Gewone stervelingen moesten dat wel, dan werd je ziel weer schoongebrand, maar als je nou bij de plaatselijke pastoor een zak geld afliet dan zorgde hij ervoor dat je in de koets kwam die rechtstreeks naar de hemel reed. Enkeltje rechtstreeks, stopt niet bij vagevuur. Een soort Monopoly met zielen. Maarten vond dat maar niks, die aflaathandel, en omdat aflaten te maken hebben met Allerheiligen en Allerzielen deed Maarten zijn ding op Halloween. Vagevuur is trouwens typisch rooms. Katholieken komen zomaar niet in de hel. Dan moet je het wel erg bont maken. En dan nog is er genade mogelijk. Luthersen doen niet aan vagevuur. Niks boetedoen en dan alsnog naar de hemel! De hel in! Branden zal je! Voor eeuwig!

In ieder geval was de herdenking van deze daad van protest aanleiding voor Koning Willem om zijn gezicht en zijn vrouw weer eens te laten zien. De koning was aanwezig bij de viering van 500 jaar reformatie. Alsof dat iets is om te vieren: de hele zondag een beetje in je zwarte kousen zitten te kniezen. Gezellig hoor. Het past ook in het geheel niet in mijn beeld van een onafhankelijke koning voor iedereen. Tenzij hij te zijner tijd bij het 25-jarig jubileum van de Kerk van het Vliegend Spaghettimonster aanwezig is, hetgeen ik waag te betwijfelen. Beetje wrang vind ik het ook want in deze tijd die bol staat van politieke correctheid had Willem zich wel eens mogen laten informeren over wie Luther eigenlijk was. Als ik het even kort voor u mag samenvatten: een xenofobe antisemiet met extremistische trekjes. Alle synagogen en huizen van joden moesten in brand worden gestoken en iedere jood die zich niet wenste te bekeren tot het christendom kon van Maarten aan het gas. Ook de Islam was niet populair bij Luther. Hij riep Karel V op om een oorlog tegen de Turken te beginnen want Mohammed was geen profeet maar een kind van de duivel. Keizer Karel was van dat gesteukel echter niet gediend zodat Maarten moest onderduiken om aan de galg te ontkomen. Eeuwen later was het gedachtegoed van Luther een dankbare bron voor Nazi-Duitsland om de Joden opnieuw op de korrel te nemen. Of Geert Wilders de ideeën van Luther als bron heeft voor zijn jacht op de Islam is mij niet bekend. Hij heeft het wel steeds over de Joods-Christelijke normen en waarden die we moeten bewaken en bewaren. Nou, lekker dan. Antisemitisme is een christelijke uitvinding bij uitstek dus hoe hij dat nou precies bedoeld is me niet geheel duidelijk. Om van de houdbaarheid van die zogenaamde christelijke normen en waarden maar te zwijgen.

Ik heb in mijn gesprekken en contacten met gelovige mensen nooit iets gehoord over deze duistere kant van Luther. Wel valt me telkens weer op dat er in reformatorische kringen vanuit wordt gegaan dat het ware christendom eigenlijk pas begint in 1517. Lekker makkelijk, je laat de roomse missionarissen en inquisiteurs 1500 jaar lang de hete kolen uit het vuur halen met gevaar voor eigen leven en als dat dan klaar is zeg je gewoon: “Die roomsen hebben het helemaal fout!”. Kinderachtig, laf en historisch onjuist want men gaat voorbij aan 15 eeuwen ontstaansgeschiedenis. Om kort te gaan: zonder Rome geen reformatie. Overigens heeft de actie van Luther ertoe geleid dat veel meer mensen in de gaten kregen hoe eenvoudig het eigenlijk is om onder het kerkelijke juk vandaan te komen: gewoon niks meer van aantrekken en voor jezelf beginnen. Dat heeft geleid tot een oerwoud van ontelbare afsplitsingen en kerkscheuringen. Als u wilt weten hoe dat in zijn werk gaat raad ik u de boeken van schrijver Maarten ’t Hart aan, daar staat dat haarfijn in beschreven.

Nee, als ik ooit in God ga geloven dan word ik weer gewoon katholiek. Rode wijn, cognac, krentenbrood en carnaval. En tussendoor is er altijd wel een reden om het glas te heffen op een of andere heilige. Ik snap werkelijk niet wat die calvinisten bezielt. Was het niet Jezus zelf die water in wijn veranderde en voedsel vermeerderde? Nou ja, ik zal het wel niet goed zien.

Op naar Sinterklaas. Ook zo’n goedheiligman.

dinsdag 12 september 2017

Lief zijn voor de Antichrist

Ik neem een stukje aarde in beslag, ik heb het vruchtgebruik van de grond waarover ik loop en dat wordt dan nog net gedoogd, maar eigenlijk doe ik er helemaal niet toe. Ik behoor weliswaar tot de diersoort mens maar dan van een mindere soort. Een Untermensch. Slachtvee. Disposable.

Schrijven over religie lukt niet met een scherpe pen gedoopt in zuivere, bijna transparante natuurinkt maar dat kan alleen met een 14 centimeter blokkwast uit de bouwmarkt, druipend van de zwarte koolteer. Schrijven over religie is als met een 40 ponds kloofbijl een luciferstokje splijten in 10 exact gelijke flintertjes fineer. Dat gaat altijd mis. Je raakt altijd wel iets wat je niet wilt raken. Er is altijd wel iemand geraakt die je had willen ontzien. Het zij zo. Er zijn zo’n zeven miljard mensen op aarde. De helft daarvan geloofd in iets bovennatuurlijks, de andere helft niet. Van die drieënhalf miljard gelovige mensen wereldwijd zijn er pakweg vijfhonderdduizend bevindelijk gereformeerd. En die wonen in Nederland. En alleen die kolonie doet er toe. De rest kan weg. Die worden vroeg of laat vernietigd door de Antichrist.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik tot voor kort niet wist wat werd bedoeld met de Antichrist. In mijn onschuldige katholieke jeugd werd zulke taal niet gebezigd. Op de kleuterschool leerden wij van de nonnen een liedje, een gebedje eigenlijk. Het ging zo: “Lieve Heertje, geef mooi weertje, geef een mooie dag, dat het zonnetje weer schijnen mag.” Later op de Bonifatiusschool ging het verhaal van Jezus voornamelijk over lief zijn voor elkaar. De nadruk lag op fatsoen, op barmhartigheid en op naastenliefde. Wat gij niet wilt dat u geschied, doe dat ook een ander niet. Het ging over de balk in je eigen oog en over de splinter in die van de ander. Alleen dat stukje over de andere wang toekeren was aan mij niet zo besteed. Over de Antichrist werd met geen woord gerept.

Als praktiserend atheïst schop ik wel eens tegen heilige huisjes aan en wie de bal kaatst kan hem terug verwachten. Zo overkwam het me laatst dat iemand mij vroeg of ik soms de Antichrist ben. Nu moet ik eerst even ter verduidelijking een vergelijking maken met Sinterklaas: als je niet in Sinterklaas geloofd, moet je dan nog bang zijn om in de zak meegenomen te worden naar Spanje? Precies. Dus omdat ik niet geloof dat er een god is zeggen begrippen als ziel, hemel, hel en zoals nu dus de Antichrist mij niet zo veel. Aanvankelijk nam ik het voor kennisgeving aan. Maar omdat ik niet wist wat dat was ging ik op onderzoek uit. Zo kwam ik er achter dat de Antichrist wel zo ongeveer het allerergste is wat de diepgelovige mensheid kan overkomen. Ze kunnen mij afvallige noemen, of ongelovige, of dwalende, of verloren ziel, of gemakshalve gewoon atheïst wat eigenlijk het meest voor de hand ligt, maar geen Antichrist. Antichrist gaat over eindtijd, over beesten die uit de zee komen en beesten die van het land komen en die krijgen het volk achter zich en zo vernietigen ze de hele aarde en alles wat daarop is. Of zoiets. Alleen de Nederlandse club van 500.000 wordt gespaard. Er zijn zelfs, los van de bijbel, hele boeken over de Antichrist geschreven. Een hooggeleerde dominee schreef in zo’n werkje dat Adolf Hitler ook een Antichrist was want die had het land Israël verminkt. Dat het land Israël pas in 1948 is opgericht als gevolg van een VN-resolutie op grondgebied van een Britse kolonie toen Adolf Hitler al lang en breed dood was is natuurlijk slechts een detail…. Iemand, vermoedelijk uit die club van 500.000 gezien haar devotie voor de Antichrist, plaatst mij dus doodleuk even op hetzelfde niveau als Adolf Hitler.

De aanleiding was een artikel op de Facebookpagina ZwolleNu. Gelovige mensen hadden voor de school bijbels uitgedeeld aan middelbare scholieren. Ouders waren daar niet van gediend en die klommen in de pen. Er werd veelvuldig op gereageerd. Het viel me op dat van de zijde van degenen die het uitdelen van de bijbels niet zo erg vonden en verdedigden, het argument kwam dat reclame voor bijvoorbeeld maandverband, of de Telegraaf, ook erg opdringerig kan zijn. Het was hun om het even. Reclame is irritant en als je het niet bevalt gooi je het weg. Dat is opmerkelijk want kennelijk is het uitdragen van een religieuze overtuiging op de Pyramide van Maslow van hetzelfde niveau als maandverband. Zo van: “Heb je er nog aan gedacht maandverband voor me mee te nemen uit de supermarkt?”, waarop het antwoord luidt: “Nee sorry vergeten, ik was psalmen aan het zingen en zieltjes winnen en bijbels aan het uitdelen. Maar zakdoekjes heb ik wel meegenomen”. Kortom, een volstrekt onhoudbare stelling uit het Handboek Apologetiek. Ik vroeg wat het doel zou kunnen zijn geweest van het ongevraagd in de hand drukken van bijbeltjes in puberhandjes, nog los van de vraag of het dezelfde mentale impact op zo’n kind heeft als reclame voor maandverband. En of men dan werkelijk geloofd dat het ongevraagd uitdelen van bijbels bijdraagt aan het verspreiden van de blijde boodschap. Daarna plaatste ik nog een opmerking over de inhoud van de bijbel en welke impact dat heeft op mensen die niet gediend zijn van religieuze opdringerigheid. Dat was genoeg om de lange tenen van religie te raken.

Dus wee degenen die net als ik niet willen dat een bevolkingsgroep keer op keer een uitzonderingspositie verwerft op wet- en regelgeving die voor ons allemaal zou moeten gelden en die zichzelf daarnaast vrijwillig leefregels oplegt en daarbij eist dat die leefregels ook voor mij moeten gelden. Wij zijn kennelijk van hetzelfde morele niveau als Adolf Hitler. Nou, bedankt dan maar weer. We moeten het er maar mee doen.

De kans dat de dame die mij vergeleek met Adolf Hitler om de eenvoudige reden dat ik niet geloof wat zij geloofd dit stuk ooit te lezen krijgt is denk ik nihil. Maar wens ik haar verder alle goeds toe. Want we moeten lief zijn voor elkaar, heb ik vroeger geleerd.